Posted by on 16 oktober 2013

Als contentmarketing je-van-het is en iedereen ‘een beetje journalist’ moet zijn, is het best handig als je weet wat dat dan is, een journalist.

Maar al te vaak worden journalisten op één hoop gegooid met tekstschrijvers. Ze schrijven toch allebei artikelen?

Klopt.

En toch zijn ze wezenlijk anders.

Geen haar op het hoofd van de journalist die erover denkt om zich tekstschrijver te noemen. Ben je nou helemaal belatafeld! Tekstschrijvers, dat zijn toch die mensen die in opdracht van bedrijven kloddertjes roze aanbrengen op de werkelijkheid? Die er niet voor terugdeinzen om ons maar iets op de mouw te spelden, enkel en alleen om wat rottige centen te verdienen?

Andersom hebben veel tekstschrijvers geen goed woord over voor journalisten – al denk ik stiekem dat sommige tekstschrijvers ook een beetje jaloers zijn. Ja, je raadt het goed: ik ben van huis uit journalist.

Enfin. Dat betekent dus dat ik de brenger van slecht nieuws ben. Altijd negatief, die journalisten, en erop uit om mensen te beschadigen. Kort door de bocht opererende zuurpruimen zijn het. Sensatiezoekers bovendien.

Als je tot hier bent gekomen met lezen, denk je nu waarschijnlijk: ‘Iedereen een beetje journalist? Nou, dank je feestelijk!’ Maar lees nog even verder. Want de grenzen vervagen. En we zijn niet allemaal hetzelfde. En het ligt niet zo zwart-wit. Maar journalisten hebben, ook in marketing, wel een streepje voor op tekstschrijvers. Vind ik. Als journalist.

In essentie zit het verschil tussen de twee beroepsgroepen erin dat de journalist onafhankelijk is. Hij dient het algemeen belang.

Een tekstschrijver dient het belang van zijn broodheer. Niets op tegen, maar wel iets heel anders.

Als ik me laat inhuren door een bedrijf – gemakshalve ga ik er maar even vanuit dat onafhankelijke media geen bedrijven zijn – ben ik dus per definitie geen journalist meer, maar een tekstschrijver. Wiens brood men eet, wiens woord men spreekt, nietwaar?

Daar hoor je mij dus ook niet over piepen. Ik kies er zelf voor.

Toch breng ik ook in zo’n geval iets bijzonder waardevols mee: een journalistieke attitude.

En dat betekent dat ik het mijn opdrachtgever moeilijk ga maken. Ik wil het naadje van de kous weten. Ik smeer met stroop om je aan het praten te krijgen. Ik draai je de duimschroeven aan als ik denk dat je onzin zit te verkondigen. En als je om de hete brij heen blijft draaien, hanteer ik zonder aarzeling de botte bijl.

Zoals ik al zei: kort door de bocht opererende zuurpruimen zijn het, die journalisten. Al blijf ik er altijd vriendelijk bij, hoor. Dat dan weer wel.

Als je tot hier bent gekomen met lezen, denk je waarschijnlijk nog steeds: ‘Iedereen een beetje journalist? Nou, dank je feestelijk!’ Maar lees nog even verder. Als je tenminste wilt weten wat marketing te winnen heeft bij die journalistieke attitude.

U vraagt, wij draaien: als ik zou willen, zou ik het kunnen. Maar ik wil het niet.

Waarom?

Omdat zachte heelmeesters stinkende wonden maken.

‘U vraagt, wij draaien’ riekt te veel naar ouderwetse reclame. En zoals we inmiddels allemaal weten: die werkt niet meer. Mensen willen eerlijke verhalen.

Gut.

Laat journalisten daar nou net heel goed in zijn!

De journalist is altijd op zoek naar de waarheid. Hij kan niet anders; het zit in zijn systeem. Zit hij tegenover een burgemeester, een directeur of een andere hotemetoot, dan denkt hij vanzelf: ja maar, is het wel wáár wat die man zegt? Wat heeft hij daar voor belang bij? En wat heb ik er zelf eigenlijk aan, als mens?

Enfin, het moge duidelijk zijn: journalisten prikken graag door mooipraterij heen. Ze leggen de vinger op de zere plek, zoeken de zwakke schakels in een verhaal. Zuurpruimen, ik zei het toch?

Maar zuurpruimen met goede intenties!

Namelijk: snel het echte verhaal boven water krijgen. Want dat is wat mensen willen lezen, of het nou krantenlezers of potentiële klanten zijn. En nee, dat echte verhaal hoeft dus niet altijd vuile was te zijn. Dat kan net zo goed een prachtig marketinginstrument zijn.

Ja, je leest het goed: ook ik, journalist, schrijf graag een positief verhaal. Maar dan wel één waar alle gebakken lucht al uit is.

Kritisch denken, onafhankelijk denken en denken vanuit de lezer: het zit journalisten in het bloed. Gooi er nog wat creativiteit tegenaan (hebben ze ook al in huis, de knapperds) en je content kan niet meer stuk.

 

Jolenta Weijers is journalist en contentstrateeg