Posted by on 27 maart 2017

Albert Einstein zou een goede contentmaker zijn. Misschien zelfs een geniale. We kunnen een hoop van hem leren.

Ik ben een fan van Albert Einstein. E = mc2 is de enige natuurkundige formule die ik ken. Het heeft iets met relativiteit te maken, heb ik geleerd. Vraag me niet wat, want meer alfa dan ik zijn er weinig. Cijfers verdwijnen bij mij als vanzelf in een groot zwart gat.

Andersom is Einstein geen pure beta, als je het mij vraagt. Er schuilt wel een filosoofje in de grote natuurkundige. En als je zijn uitspraken bekijkt, zijn er heel wat die mij doen denken: hij zou een verdienstelijk contentmaker zijn geweest. Wat zeg ik? Misschien zelfs een geniale.

Vandaar dus dat ik fan ben. En ook omdat er een leuke kop op die man zit. Geen betere branding voor het type verstrooide professor dan de uitstraling van Einstein: nieuwsgierige blik, twinkeling in de ogen, krul om de lippen, onbedwingbaar haar. Alles zegt: ik sta open voor nieuwe dingen, ik neem mezelf niet al te serieus en hé, ik heb iets toe te voegen aan deze wereld, dus ik heb belangrijker zaken aan mijn hoofd dan mijn haar.

 

Jolenta Weijers Journalistiek

↑ Daarmee is de uitspraak hierboven meteen mijn favoriete. Einstein heeft lol in wat hij doet en speelt met zijn intelligentie. Daar komen vervolgens verrassende dingen uit. Is dat niet wat we allemaal willen?

Wijsheid nummer 2 mag er trouwens ook zijn, vooral qua relativering:

 

↑ Kijk, om zulke bescheidenheid hou ik zo van Einstein. Ooit zei hij: ‘Ik ben helemaal niet geniaal. Ik blijf gewoon langer met een vraagstuk bezig.’ Heerlijk. En wat hij hierboven zegt, is natuurlijk ook hartstikke waar. Want verbeelding brengt je overal. Handig als je een brainstorm houdt over onderwerpen voor je website, nieuwsbrief of relatiemagazine. Niets is dan te gek. Elke maffe gedachte kan een kern van waarheid bevatten, en dus een verhaal. En dankzij je verbeelding kun je zélfs bedenken waar je moet zijn om dat te weten te komen.

 

↑ Soms ben je geneigd te kiezen voor mooi boven functioneel. Maar als je geloofwaardig wilt zijn, kun je beter niet om de hete brij heen draaien. Dan is het juist zaak om zo concreet mogelijk te zijn. In mijn e-book ‘9 schrijftips waar je fans mee krijgt‘ geef ik er een paar voorbeelden van. Zoals: schrijf niet over ‘een twintigtal’ als je negentien bedoelt. Het staat misschien aardig, maar je roept er alleen maar vragen mee op. Ook fijn: door concreet te zijn laat je zien dat je weet waar je het over hebt.

 

↑ Vooral belangrijk als je mensen interviewt: schuif je vooroordelen opzij. Niet iedereen is een Einstein. Maar iedereen heeft een verhaal te vertellen. Trouwens, Einstein was een slimme man, maar misschien kon hij nog geen ei bakken. Oftewel: elk mens heeft zijn kwaliteiten. Als interviewer is het jouw taak om onbevangen te luisteren en het verhaal van de ander serieus te nemen. Wat overigens niet hetzelfde is als alles voor zoete koek slikken.

 

↑ Hou je bij de feiten. Controleer hoe waar die feiten zijn, en schrijf ze ook op als ze niet in je eigen wereldbeeld passen. Uitermate belangrijk, want als Amerikaanse presidenten de invloed van de mens op klimaatverandering in twijfel trekken, wat is dan nog waar? Nou, dit: dat de meeste geleerden het erover eens zijn dat de mens invloed heeft op klimaatverandering, maar dat er op deez’ aardkloot ook criticasters rondlopen. Kloppende informatie brengen draagt, wederom, bij aan je geloofwaardigheid.

 

↑ Eén de eerste dingen die ik in mijn journalistieke opleiding leerde: als je een straatnaam verkeerd spelt, denkt de lezer direct ‘dan zal de schrijver het met de rest van het verhaal ook wel niet zo nauw hebben genomen’. Hetzelfde geldt voor grammatica. Vervoeg werkwoorden op de goede manier, hussel geen spreekwoorden door elkaar, vermijd anglicismen, kortom: beheers je taal als je de lezer wilt overtuigen van je kennis.

 

↑ Grinnik. In de journalistiek is het beschermen van je bronnen heel gewoon, maar Einstein heeft het hier eigenlijk over veredeld jatwerk. Ook wel inspiratie genoemd. Je ziet een leuk artikel en denkt: gut, daar ga ik ook over schrijven. Is dat erg? Helemaal niet. Alles is al eens gedaan, als je het mij vraagt. Maar ga niet klakkeloos lopen kopiëren. Geef je artikel een eigen invalshoek, haal nieuwe bronnen aan, maak het persoonlijk, vertaal het in beeld, kortom: maak er jouw verhaal van.

 

↑ De grootste ergernis van professionele tekstschrijvers is misschien wel dat veel mensen denken dat ze óók kunnen schrijven. Als dat betekent: woorden achter elkaar zetten, dan hebben die mensen gelijk. Maar schrijven is een vak. Je doet het er niet even bij. Het vraagt aandacht. Dus ook als je ervoor kiest om je eigen teksten te schrijven – wat natuurlijk prima is – neem er dan de tijd voor om het goed te doen. Alsjeblieft.

 

↑ Het heeft even geduurd, maar het lijkt erop dat contentmakers beginnen te begrijpen dat het niet gaat om clicks, maar om betrokkenheid. Grote vriend Google helpt daar tegenwoordig een beetje aan mee door pure clickbait af te straffen en content met waarde te belonen. Gelukkig maar. Want met clickbait laat je zien dat je alleen je eigen belang dient. Niet bepaald een reputatie waar je op zit te wachten, toch?

 

↑ Misschien wel de belangrijkste vaardigheid van journalisten en alle andere contentmakers: blijf je verwonderen. Zodra je daarmee stopt, is het met je gedaan. Er komen geen nieuwe verhaal-ideeën meer in je op. Je loopt de ultieme quote mis in een interview. Je gooit alleen de geijkte plaatjes op je website. Je probeert nooit eens een nieuwe verhaaltechniek. Kortom, denken dat je alles snapt en weet is de dood in de pot.

 

↑ Zoals er mensen zijn die denken dat iederéén een goed verhaal kan schrijven, zo zijn er ook die menen dat ze nooit iets fatsoenlijk op papier krijgen. Onzin natuurlijk. Schrijven is een vak, en dat betekent dat je het kunt leren. Dat je je trucjes eigen kunt maken. Word je daarmee een bestseller-auteur? Neuh. Maar dat hoeft toch ook niet? Zolang je je boodschap maar goed kunt overbrengen. Meestal betekent dat: hou het simpel. Ik schreef er dit artikel vol tips over:

 

 

↑ Als je waardevolle artikelen wilt schrijven, moet je weten waar je over praat. Dus pleeg je research tot je een ons weegt. Je moet je een onderwerp helemaal eigen maken om het goed over te kunnen brengen op je lezers. En ja, dat betekent ook dat je een interview-kandidaat soms zes keer laat uitleggen wat hij nou precies bedoelt. Raakt hij geïrriteerd? Dat is snel over als je uitlegt dat je echt wilt snappen wat hij vertelt.

 

↑ Tot slot een troostende gedachte. Iedereen maakt fouten, zelfs professionals. Ik doe mijn best om perfecte blogs te schrijven, maar ik weet zeker dat je hier en daar een tik- of taalfout vindt. (Als dat zo is: sorry. En laat het me alsjeblieft weten, dan haal ik ‘m eruit.) En ik weet dat ik regelmatig moet bloggen, maar regelmaat en ik zijn geen dikke vrienden. Nou en? Ik probéér het tenminste. Met dank aan Einstein.

 

 

Jolenta Weijers is journalist en contentstrateeg