Posted by on 27 februari 2013

Tien tegen één dat je bij een interview de vraag krijgt voorgeschoteld: mag ik het artikel voor publicatie nog even lezen? Zeg je zomaar ja, dan wordt je verhaal herschreven. Laat dat niet gebeuren. Jij bent de baas.

Laatst kreeg ik het weer eens, zo’n mailtje. ‘Bijgaand het artikel retour met enkele suggesties.’

Dan weet ik het al: op het moment dat ik het tekstbestand open, wordt het mij rood voor de ogen.

Letterlijk, omdat de interview-kandidaat zo’n beetje het hele verhaal heeft herschreven.

Figuurlijk niet: ik heb me al lang geleden afgeleerd om boos te worden over dit soort betweters. Ik houd zelf de regie in handen. En omdat ik dat vooraf heel duidelijk maak, vind ik nog maar zelden zo’n compleet herschreven verhaal in mijn mailbox.

Dat interview-kandidaten graag invloed hebben op de inhoud van jouw artikel, is wel logisch. Hun belang is immers anders dan het jouwe.

Jij wilt je lezers een prettig geschreven en informatief verhaal voorschotelen. Je interview-kandidaat wil goed overkomen bij zijn baas, probeert de schade voor zijn organisatie te beperken of ziet het artikel als gratis reclame.

De belangrijkste truc om discussie over je artikel te voorkomen is: helder zijn.

De meeste interview-kandidaten vragen tegenwoordig om inzage in je artikel. Zelf reageer ik daar altijd opgewekt op. Ik laat weten dat ik er geen bezwaar tegen heb, mits de interview-kandidaat zich beperkt tot het corrigeren van eventuele feitelijke onjuistheden. En dan voeg ik eraan toe dat ik er zelf ook belang bij heb dat een verhaal goed op de pagina komt.

Wat natuurlijk waar is.

Sterker nog: soms vraag ik zelf om controle van eventuele feitelijke onjuistheden. Ik schrijf bijvoorbeeld veel over juridische kwesties. Die kunnen best ingewikkeld zijn. Dan is het fijn als je zeker weet dat je het goed hebt opgeschreven en dat je de lezer van je tekst niet op het verkeerde been zet.

Hoe ga je verder te werk?

1. Bij het toesturen van het artikel

  • Herhaal de afspraak dat je het artikel uitsluitend toestuurt ter controle van eventuele feitelijke onjuistheden.
  • Meld dat het dus niet gaat om wijzigingen in de stijl of opbouw van het artikel.
  • Gaat het om een algemeen verhaal waarin de interview-kandidaat maar een paar keer wordt aangehaald? Wijs er dan op dat alleen dié delen van het verhaal mogen worden gecorrigeerd. Sommige journalisten sturen zelfs alleen deze delen van het artikel toe. Zelf ben ik daar geen voorstander van. Ook de context waarin informatie wordt geplaatst, kan immers bepalen of iets goed of fout is.
  • Vraag om één gecorrigeerde versie. Soms gaat een artikel ook nog langs de directeur, de afdeling marketing en een handvol collega’s. Voor je het weet zit je met vijf tekstbestanden voor je neus. Niet doen. Laat ze het zelf maar bij elkaar harken.
  • Zorg dat je kunt zien wat er wordt gewijzigd. Zelf vraag ik altijd om correcties aan te brengen via de Word-functie ‘wijzigingen bijhouden’.
  • Noem een deadline. Vermeld datum en tijdstip waarop je de eventuele correcties uiterlijk binnen moet hebben.
  • Geef mensen geen kans om een loopje te nemen met die deadline, of jou te dwingen er achteraan te bellen. Zeg gewoon: als ik op het moment van de deadline niet van u heb gehoord, dan ga ik er vanuit dat u akkoord bent met de inhoud van het artikel.

2. Bij het verwerken van correcties

  • Bewaar altijd de oorspronkelijke versie van je artikel. Noem die bijvoorbeeld [1]. Ook de door de interview-kandidaat gecorrigeerde versie bewaar je.
  • Werk nóóit in het document dat de interview-kandidaat je retour stuurde. Maak een nieuwe versie – [2] – van je oorspronkelijke artikel – [1] – om correcties in door te voeren. Dan is het gemakkelijker om trouw te blijven aan je eigen taal en tekst. Bovendien loop je niet het risico dat iemand onzichtbare wijzigingen heeft aangebracht die je vervolgens zonder het te beseffen overneemt.
  • Zet de retour gekregen versie en versie [2] van je artikel naast elkaar op je beeldscherm. Beoordeel elke ‘correctie’ afzonderlijk en beslis per ‘correctie’ of je haar overneemt of niet.

  • Stel jezelf telkens de vraag: is dit wel een correctie, of staat hier eigenlijk hetzelfde in andere woorden? Dat laatste wil nog wel een resulteren in wollig of ambtelijk taalgebruik. Niet doen dus.
  • Denkt de interview-kandidaat dat jij een taalfout hebt gemaakt, maar levert juist zijn ‘verbetering’ een taalfout op? Niet in meegaan. ‘Maar wij schrijven het binnen onze organisatie altijd zo’ is geen argument. Jij wordt geacht de voorkeurspelling te hanteren. Of de spelling van de organisatie waarvoor je schrijft.
  • Wat je nogal eens tegenkomt: een toevoeging aan een bepaalde passage. Vaak heb jij diezelfde informatie wel degelijk in het artikel vermeld, maar ergens anders. Door de toevoeging over te nemen meld je dus twee keer hetzelfde. Bovendien wordt de opbouw van je stuk er doorgaans niet beter op. Nee zeggen dus.
  • Over toevoegingen gesproken: de meeste interview-kandidaten realiseren zich niet dat jij je aan een bepaald aantal woorden hebt te houden, en fietsen zonder zich van enig kwaad bewust te zijn hele extra alinea’s je verhaal binnen. Dat vinden we dus ook niet goed. Jij had al bepaald welke informatie je aan de lezer wilt voorleggen, en welke niet. Houd je daaraan. Tenzij de interview-kandidaat ijzersterke argumenten heeft. Maar dan zul je elders iets moeten schrappen.
  • Je kunt de slag verliezen maar de oorlog winnen. Met andere woorden: soms kun je om tactische redenen beter toegeven op kleine punten. Dan kun je je poot stijf houden als het er echt op aan komt.

3. Bij de terugkoppeling van correcties

  • Om te beginnen: laat altijd iets van je horen. Anders worden mensen maar nerveus. Bovendien is het wel zo netjes.
  • Je hoeft je niet in detail te verantwoorden. Ik schrijf meestal iets in de trant van: ‘Voor zover het om correctie van feitelijke onjuistheden ging, heb ik uw suggesties overgenomen’.
  • Voor het behoud van een goede relatie kun je ervoor kiezen om uit te leggen waarom je sommige ‘correcties’ niet overnam. Doe dat in algemene termen. Schrijf bijvoorbeeld dat je je aan de voorkeurspelling dient te houden. Dat je te formele taal moet vermijden. Dat je aan een maximum aantal woorden bent gebonden. Of dat de voorgestelde ‘correctie’ voor de lezer niets toevoegt aan het verhaal.
  • Sluit de definitieve versie bij je e-mail en noém die ook de definitieve versie. Ik meld er meestal bij dat ik deze laatste versie inmiddels bij mijn eindredacteur heb ingeleverd. Dat sluit verdere discussie uit.
  • Tot slot: bedank de interview-kandidaat voor het interview en voor de moeite die hij heeft gedaan om je artikel te controleren. Wees zo aardig om hem te laten weten wanneer het artikel verschijnt. Eventueel kun je beloven om hem, als het zo ver is, een pdf van het artikel toe te sturen – en dóe dat dan ook.

Veel werk, zo’n correctieronde? Valt mee. Maak gewoon een sjabloon van de e-mails die je uitstuurt naar je interview-kandidaten. Dat kun je telkens opnieuw gebruiken. Je hoeft alleen wat details aan te passen. Het scheelt je een hoop tijd.

Jolenta Weijers is journalist en contentstrateeg